Rouw bij jongeren en jongvolwassenen van 16 tot 24 jaar: Begeleiding na het verlies van een ouder

door | 2 september 2025

Het verlies van een ouder in de periode tussen 16 en 24 jaar raakt een jongere in een fase waarin hij of zij bezig is met volwassen worden. In deze levensjaren staan thema’s als zelfstandigheid, identiteit, relaties en toekomstplannen centraal (Arnett, 2000). Een ouder verliezen kan deze ontwikkeling sterk beïnvloeden en zorgen voor gevoelens van onzekerheid, verlies van richting en eenzaamheid.

Hoe jongeren en jongvolwassenen rouwen

Jongeren in deze leeftijdsgroep hebben een volledig begrip van de dood en zijn in staat om existentiële vragen te stellen: “Wat betekent dit voor mijn leven?” of “Wat voor ouder zou mijn vader of moeder van mij gemaakt hebben?” (Noppe & Noppe, 2004). Ze kunnen het verlies intens voelen, maar kiezen vaak verschillende manieren om ermee om te gaan: door openlijk te praten, zich terug te trekken of zich juist te richten op studie, werk of sociale activiteiten.

Een belangrijk kenmerk van rouw in deze leeftijd is de spanning tussen autonomie en verbondenheid. Jongvolwassenen willen onafhankelijk zijn, maar kunnen zich tegelijkertijd extreem kwetsbaar voelen en een sterke behoefte hebben aan steun van vrienden, familie of partners (Worden, 2018).

Daarnaast kan de dood van een ouder de overgang naar volwassenheid versnellen. Sommige jongeren nemen verantwoordelijkheden op zich voor broers, zussen of de achterblijvende ouder. Dit kan leiden tot persoonlijke groei, maar ook tot overbelasting en het gevoel “te vroeg volwassen” te moeten worden (Servaty-Seib & Taub, 2010).

Wat helpt in de praktijk

1. Erkenning van volwassenheid en autonomie
Behandel jongeren van deze leeftijd als gesprekspartners. Ze willen betrokken worden bij beslissingen, ook rond afscheid en nalatenschap. Tegelijk is het belangrijk dat ze weten dat steun vragen geen zwakte is (Wolfelt, 2013).

2. Ruimte voor betekenisgeving
Veel jongvolwassenen zoeken naar zingeving en perspectief. Gesprekken over herinneringen, waarden en toekomst kunnen helpen om het verlies een plaats te geven in hun levensverhaal (Neimeyer, 2001).

3. Steun uit meerdere kringen
Naast steun uit het gezin zijn vrienden en partners vaak belangrijk. Contact met lotgenoten kan bijzonder waardevol zijn, omdat zij herkenning en erkenning bieden (Oosterwegel & Trozzi, 2020).

4. Letten op risicogedrag
In deze leeftijdsfase kan rouw zich uiten in risicovol gedrag zoals middelengebruik, schooluitval of onveilige relaties. Het is belangrijk dit niet te veroordelen, maar wel te signaleren en zo nodig professionele hulp te betrekken (Servaty-Seib & Taub, 2010).

5. Flexibele ondersteuning
De ene jongere wil veel praten, de andere juist ruimte en afleiding. Begeleiding moet daarom aansluiten bij de individuele manier van omgaan met verlies.

Lange termijn

Het overlijden van een ouder in deze leeftijdsgroep kan de identiteit blijvend beïnvloeden. Jongvolwassenen ontwikkelen hun toekomstbeeld vaak in dialoog met hun ouders; als een van hen ontbreekt, moet dat opnieuw vorm krijgen. Tegelijk kan een goed begeleid verlies leiden tot veerkracht en een sterker gevoel van eigen richting (Worden, 2018).

Het is belangrijk dat herinneringen aan de overleden ouder blijven bestaan, niet alleen binnen de familie maar ook als deel van de persoonlijke identiteit van de jongvolwassene.


Bronnen

  • Arnett, J. J. (2000). Emerging adulthood: A theory of development from the late teens through the twenties. American Psychologist, 55(5), 469–480.

  • Neimeyer, R. A. (2001). Meaning reconstruction and the experience of loss. American Psychological Association.

  • Noppe, I. C., & Noppe, L. D. (2004). Adolescent experiences with death: Letting go of immortality. Journal of Mental Health Counseling, 26(2), 146–167.

  • Oosterwegel, S., & Trozzi, M. (2020). Rouw bij kinderen en jongeren: Ontwikkeling en begeleiding. Kind en Adolescent, 41(3), 234–251.

  • Servaty-Seib, H. L., & Taub, D. J. (2010). Bereavement and college students: The role of counseling services. New Directions for Student Services, 131, 71–79.

  • Wolfelt, A. D. (2013). Healing a teenager’s grieving heart. Companion Press.

  • Worden, J. W. (2018). Grief counseling and grief therapy: A handbook for the mental health practitioner (5th ed.). Springer Publishing Company.